Maandelijkse digitale BIC-Nieuwsbrief nr. 3, periode 1-31 maart 2007

1) Baskische politieke gevangenen
2) Oplossing van het conflict
3) Repressie tegen de linkse onafhankelijkheidsbeweging in Baskenland
4) ETA; de ‘permanente wapenstilstand’ en het vredesproces
  1. Baskische politieke gevangenen

    Inaki de Juana wordt op 1 maart dan toch onverwacht, na bijna 20 jaar in de gevangenis en een hongerstaking van 115 dagen, overgebracht naar het ziekenhuis van Donostia. De Juana, nog maar 55 kilo, mag na interventie van de regering Zapatero, thuis onder huisarrest de resterende straf (1 jaar) uitzitten. Hij staakt zijn hongerstaking. De extreemrechtse Partido Popular briest van woede: “De regering geeft toe aan chantage van ETA”. Ook alle slachtofferorganisaties zijn buiten zinnen. Tijdens een demonstratie in Irunea werd de Hitlergroet gebracht, Francovlaggen meegedragen en het Falangelied ‘Cara del Sol’ gezongen. Het partijkantoor van de PSOE in Madrid wordt bekogeld met brandbommen en Zapatero wordt voor verrader uitgemaakt. Ook de Spaanse kranten zijn furieus en roeren de oorlogstrom. Maar de Spaanse wet werd in dit geval keurig toegepast; na 2/3 van zijn straf mocht De Juana naar huis, al is hij nog niet vrij. De Baskische anti-repressie organisatie benadrukt echter dat er nog 7 Baskische politieke gevangenen levensbedreigend ziek zijn (Bautista Barandella, Jose Ramon Foruria, Juan Jose Rego, Marilo Gorostiaga, Mikel Gil Cervera, Jon Agirre en Josu Uribetxebarria) en dat een 150 andere politieke gevangenen al vrijgelaten hadden moeten worden… Overigens is de directeur van de Penitentiaire Instellingen, waarover De Juana schreef in zijn ingezonden stukken in de Gara, woedend op de PP en noemt ze hypocriet en hun houding slecht, ongepast en manipulatief; “De PP blaast de zaak buiten proporties op en gaat voorbij aan het feit dat ook zij politieke gevangenen hebben vrijgelaten (onder haar bewind 21, red. BIC) in heel moeilijke omstandigheden.”
    Op 10 maart gaat de PP dan de straat op in Madrid, nog steeds op de opgeklopte golven van verontwaardiging over de transfer van De Juana en demonstreert samen met o.a. de Falange en een half miljoen mensen tegen ‘verdere concessies aan ETA’, eisen het ontslag van Zapatero en eisen ook dat Batasuna niet meedoet aan de verkiezingen van 27 mei.

  2. Oplossing van het conflict

    Op 3 maart wordt in Irunea een nieuw voorstel voor de politieke oplossing van het conflict gelanceerd; de linkse onafhankelijkheidsbeweging laat de optie om op korte (sic) termijn de 7 Baskische provincies te herenigen vallen en stelt voor om de 3 Baskische provincies in Spanje, die nu de Baskische Autonome Gemeenschap vormen, samen met Naffaroa onder 1 Baskische regering te laten samenvallen. En de 3 Baskische provincies in Frankrijk zouden ook onder 1 Baskisch bestuur moeten vallen, iets waarvoor al jaren wordt geijverd daar. Een geïntegreerde autonomie dus voor Euskadi en Naffaroa, waarover natuurlijk de inwoners eerst moeten beslissen. Dit voorstel volgt 2,5 jaar na de verklaring van Anoeta en wordt gezien als een belangrijke en realistische stap van de linkse onafhankelijkheidsbeweging.

    In Bilbao gingen ongeveer 18.000 Basken op 10 maart, op dezelfde dag als extreemrechts in Madrid demonstreerde, de straat op om te protesteren tegen het megaproces tegen de linkse onafhankelijkheidsbeweging, ‘18/98’. Rafael Larreina van de Baskische vakbond ELA speechte: “Het proces 18/98 is overduidelijk een politiek proces, zonder enige juridische basis en de rechtsgang vertegenwoordigt het verleden. Dat verleden is nu aan het demonstreren in Madrid”.

    Eind maart ontstaat er ophef over de nieuwe partij die de linkse onafhankelijkheidsbeweging opricht om deel te nemen aan de regionale en gemeenteraadsverkiezingen van 27 mei. Op een direct door de onderzoeksrechter Garzon verboden bijeenkomst zou de partij Abertzale Sozialisten Batasuna (ASB), de ‘Verenigde Patriottische Socialisten’ gelanceerd worden. Eén van de afspraken voor de wapenstilstand van ETA, nu een jaar geleden (met schending van de dodelijke bomaanslag in december) was dat de linkse onafhankelijkheidsbeweging aan verkiezingen zou kunnen deelnemen. Het intrekken van de aanklacht tegen Otegi werd gezien als belangrijk signaal dat ASB geaccepteerd zou worden door de Spaanse regering, maar dat lijkt nu op de tocht te staan. ASB lijkt in naam op Batasuna en Otegi kondigde de oprichting aan. Hiermee zou ASB binnen de door alle partijen in Baskenland verfoeide ‘Wet op de Partijen’ vallen en automatisch verboden zijn. In de statuten van ASB staat dat haar doel ‘onafhankelijkheid van Baskenland’ slechts door middel van ‘onderhandelingen’ en ‘langs democratische weg’ bereikt kan worden, ‘in afwezigheid van elke vorm van geweld’. Deze passages komen tegemoet aan de eisen van de Spaanse regering. De bal ligt nu in het kamp van de Spaanse regering. Een verbod op ASB kan het definitieve einde van het toch al broze vredesproces zijn. ETA zal dan waarschijnlijk haar aanslagen hervatten, omdat de Spaanse regering niet geneigd lijkt te zijn haar deel van de afspraken van voor de wapenstilstand na te komen en lijkt geen concrete stappen te willen zetten in de politieke oplossing van het conflict. Dat ETA daar rekening mee houdt, laten de recente arrestaties zien (zie 4).

  3. Repressie tegen de linkse onafhankelijkheidsbeweging in Baskenland

    Op 14 maart is de laatste zittingsdag in het megaproces ‘18/98’. Het wachten is nu op de uitspraak.

    In Irunea gaan op 17 maart de PP en ook weer de Falange op uitnodiging van de UPN, de PP van Naffaroa, met tienduizenden de straat op onder het motto ‘Naffaroa is niet onderhandelbaar’, als antwoord op het voorstel van Batasuna.

    Op 21 maart moet Batasuna-leider Otegi zich voor de Audiencia Nacional verantwoorden voor het ‘verheerlijken van terrorisme’. Otegi had op 30 juli 2001 bij een bijeenkomst op een kerkhof in Donostia ter ere van 2 ETA-leden die zichzelf hadden opgeblazen de volgende woorden gesproken: “Een applaus voor alle Gudaris (Baskische soldaten) die gevallen zijn in de lange strijd voor zelfbeschikking”. Otegi werd hiervoor in mei 2004 veroordeeld tot 15 maanden cel maar kwam na betaling van een borgsom vrij. Op 10 april 2006 werd Otegi ook al veroordeeld wegens ‘verheerlijking van terrorisme’ en in 2003 voor ‘belediging van de koning’, en is in beide zaken nog op borg vrij. Uiteindelijk werd de aanklacht ingetrokken.

  4. ETA; de ‘permanente wapenstilstand’ en het vredesproces

    Bij huisdoorzoekingen in Naffaroa en Guipuzkoa, die volgden op de arrestatie op 29 maart van 2 vermeende ETA-leden in Frankrijk, wordt 140 kilo springstof gevonden. Eerder werden al 8 vermoedelijke ETA-leden opgepakt in Andoian, met 30 kilo springstof en een aantal ontstekingen in hun bezit.

Ga terug naar index