Maandelijkse digitale BIC-Nieuwsbrief nr. 9, periode 1 - 30 september 2005
1) Baskische politieke gevangenen
2) Nasleep van de verkiezingen Baskenland 17 april
3) Repressie
4) ETA-aanslagen/verklaringen
  1. Baskische politieke gevangenen

    Op 2 september formuleert de regering van de Baskische Autonome Gemeenschap opnieuw de eis aan de regering in Madrid om de Baskische politieke gevangenen dichterbij huis te brengen, om zodoende ‘het vredesproces te vergemakkelijken’. Volgens regeringswoordvoerder Miren Azkarate is ‘het feit dat iemand gevangen zit niet gelijk aan dat die persoon dan ook zijn rechten verliest’. Ook word aangeklaagd dat familieleden en vrienden van gevangenen enorme afstanden moeten afleggen. Op 16 september had de Baskische minister van justitie, Joseba Azkarraga, een ontmoeting met de directeur van het Spaanse gevangeniswezen Mercedes Gallizo, over deze kwestie. Volgens Gallizo ‘verdedigt de gevangenenspreiding de gemeenschap, vergemakkelijkt de controle over de gevangenen en voorkomt dat ze hun activiteiten doorzetten’; ze zal dan ook geen duimbreed wijken. Azkarraga vroeg ook om een humanere behandeling van zieke gevangenen, waar in het autonomie-statuut van Gernika uit 1978 werd voorzien. Ook dit zal niet veranderen. In de Spaanse Tweede Kamer zei de Spaanse minister van Binnenlandse Zaken dat ‘De regering Zapetero geen greintje zal veranderen aan de penitentiaire politiek’. Azkarrag zei dat Baskenland dit standpunt van Madrid niet kan aanvaarden.

    Juan Mari Olano, bestuurslid van Gestoras Pro Amnistia, een in 2001 buiten de wet gesteld beweging voor Baskische politieke gevangenen, zit al 4 jaar in voorarrest. In het kader van de operatie 18/98 van onderzoeksrechter Baltasar Garzon werden 27 bestuursleden opgepakt en Olano werd pas in juni 2002 opgepakt omdat hij als enige in Frans Baskenland verbleef. Op 13 november 2003 werd hij dan ‘overhandigd’ aan Spanje om nu de eis van 10 jaar cel te horen wegens ‘lidmaatschap van ETA’. Volgens de Spaanse justitie maakte Gestoras deel uit van de ‘ETA- structuur’ en zou ETA Gestoras tot 1991 financieel hebben ondersteund. Voor de vrijlating op borg moet Olano maar liefst 300.000 euro betalen.

    De 7 grootste vakbonden van Baskenland roepen hun achterban op om zich aan te sluiten bij de protesten van Etxerat, de organisatie van familieleden van Baskische politieke gevangenen, van 30 september in Bilbao. Ze protesteren tegen de verspreidingspolitiek van de gevangenen en noemen het ‘schaamteloos’ dat de regerende PSOE oproept de straffen te verhogen, de gevangenenspreiding uit te breiden, het isolement te verzwaren, het contact met de buitenwereld in te perken, het volgen van schriftelijke studies en het leren van de Baskische taal te frustreren, de rechten van zieke gevangenen en van vervroegde vrijlating niet toe te passen. De 7 vakbonden schrijven dat er tot nu toe 19 politieke gevangenen in hun cel stierven, 98,5% buiten Baskenland gevangen wordt gehouden, dat hun families ieder jaar 13.812 euro aan reiskosten kwijt is, dat al 16 personen omkwamen bij auto-ongelukken tijdens reizen naar gevangen familieleden of vrienden en dat er in dit jaar al 21 soortgelijke verkeersongevallen plaatsvonden, waarbij 56 personen betrokken waren.

    Op 30 september kwam de Baskische politieke gevangene Mertxe Galdos vrij, ze zat 19 jaar in diverse Spaanse gevangenissen. Eigenlijk had ze op het uitzitten van ¾ van haar straf al moeten vrijkomen, in 2001.

  2. Nasleep van de verkiezingen Baskenland 17 april

    Op 7 september komen op bevel van de tijdelijke plaatsvervanger van onderzoeksrechter Baltasar Garzon, Fernando Grande-Marlaska, 3 bestuursleden van EHAK, de Communistische partij van de Baskische gebieden, naar het Audiencia Nacional in Madrid. Reden; de aan de PP-gelieerde vereniging ‘Slachtoffers van het terrorisme’ (AVT) had van de Spaanse regering geëist dat EHAK direct buiten de wet gesteld moet worden als opvolger van Batasuna en dus ETA. Juan Joxe Petrikorena, Joseba Zinkunegi en Peio Gálvez hoorden dan ook van de rechter het delict ‘lidmaatschap van een gewapende bende’ en moesten binnen 5 dagen 100.000 euro borgsom (in cash) betalen om gevangenschap te ontlopen. De 3 weigeren vragen te beantwoorden in deze zaak, evenals 4 andere Basken, Juan Carlos Ramos, Aritz Blázquez, Juan Manuel Rodriguez en Javier Ramos (aangeduid als de oprichters van EHAK), die een dag later moeten voorkomen. Zij horen dezelfde beschuldiging, maar mogen zonder borgsom te betalen weer naar huis. Overigens wordt Zinkunegi 3 dagen later opgepakt omdat hij zich te laat (moest zich 2x per dag melden) bij de kazerne van de Baskische politie Ertzaintza meldde. Wel had hij de borgsom inmiddels bij elkaar, maar toch verdween hij voor 3 dagen in de cel.

  3. Repressie

    3) Op 9 september demonstreren duizenden mensen in Donostia tegen de vervolging door de Spaanse justitie van de secretaris-generaal van de linkse vakbond LAB, Rafa Díez Usabiaga. Díez moet binnenkort voorkomen op beschuldiging van ‘lidmaatschap van ETA’. Drie dagen later wordt hij ‘voorlopig vrijgesproken’ wegens ‘gebrek aan bewijs’. Diez verklaart dat ‘deze politieke jacht moet stoppen’ (…) Wij moeten ons bij het Hooggerechtshof melden omwille van onze politieke activiteiten en onze ideeën, om ons politiek project te verdedigen’. Ainhoa Etxaide, vice-secretaris-generaal van LAB vraagt aan de Spaanse premier Zapatero ‘of het Hooggerechtshof de belangrijkste actor zal blijven bij beslissingen die gaan over Baskenland. (…) Dit zijn strategieën uit het verleden.’

  4. ETA-aanslagen/verklaringen

    4) De 6 Baskische politieke gevangenen die vorig jaar in het nieuws kwamen met een brief aan ETA waarin ze de discussie voerden over de lijn van die gewapende organisatie, roepen de politieke partij Aralar, een afsplitsing van Batasuna, op om niet langer hun naam te misbruiken voor politieke doeleinden. De 6 stellen dat Aralar de brief heeft laten uitlekken en verder verklaren ze ‘volledig achter het Anoeta-voorstel te staan’, waarin Batasuna haar uitdrukkelijke wens voor een politieke oplossing van het conflict uitspreekt.

    Om tien uur in de avond van 23 september ontploft in Avila een bomauto op een industrieterrein, waarbij schade wordt toegebracht aan 3 fabriekshallen. Bij de Baskische kranten GARA en Deia in Donostia kwamen 3 kwartier vantevoren waarschuwingstelefoontjes telefoontjes binnen, waardoor de politie het terrein kon ontruimen.

    Op 27 september, 30 jaar nadat de ETA-leden Txiki en Otaegi en 3 activisten van de gewapende organisatie FRAP werden geëxecuteerd door het Franco-regime, komt ETA met een verklaring waarin ze stellen “De vijanden van ons volk zullen ons niets schenken, maar er is een optie om tot een democratische situatie te komen waarin de rechten van Euskal Herria erkend worden”. Dezelfde dag laat ETA in een onderstation van een electriciteitsmaatschappij in de buurt van Zaragoza een bom afgaan, waar vantevoren voor was gewaarschuwd. Er was geen schade.

Ga terug naar index