1) Baskische politieke gevangenen
2) Nasleep verkiezingen Baskenland 17 April
3) Repressie
4) ETA-aanslagen/verklaringen
-
Baskische politieke gevangenen
De Franse rechter Laurence Le Vert stuurde eind juni
de belastingdienst af op de verenigingen die geld
inzamelen om de wekelijkse lange reizen naar de over
heel Frankrijk en Spanje vastzittende Baskische
politieke gevangenen te financieren.
De Baskische gevangenenhulporganisatie Etxerat
(‘Naar Huis’) publiceert begin juli cijfers over de laatste
overplaatsingen van Baskische politieke gevangenen;
de laatste 20 gevangenen die getransfereerd werden
blijken verder van huis te zijn geplaatst; er moet maar
voor een bezoek aan hen bij elkaar maar liefst 27.952
kilometer gereisd worden. Van de 698 Baskische
politieke gevangenen zitten er slechts 12 dichtbij huis, in
Baskische gevangenissen. De spreidingspolitiek, die
dus onder Zapatero gewoon wordt voortgezet, heeft al
aan 16 vrienden en familieleden het leven gekost bij
auto-ongelukken door de lange reizen.
Op 6 juli worden de 2 Baskische vluchtelingen Jon
López Gómez en Diego Ugarte López de Arkaute door
België aan Spanje uitgeleverd. Diego wordt ervan
verdacht in februari 2002 in Gasteiz een bomauto te
hebben geparkeerd die een einde aan het leven van de
PSE’er Fernando Buesa en zijn lijfwacht maakte. Ugarte
zou het huis waarin het commando zat gehuurd hebben.
Gómez zou in oktober 1996 een autobus in brand
hebben gestoken, zat hiervoor al een jaar in voorarrest
en werd uiteindelijk tot 17 jaar veroordeeld. Op 31 maart
2004 werden beiden in Boussou, België, gearresteerd.
De verdenkingen werden niet hard gemaakt; het
voornaamste bewijs was een in de gevangenis
afgeluisterd gesprek met hun advocaten, waarin gezegd
werd dat ‘de verklaringen inzake foltering goed
geformuleerd moesten worden’, al werden deze stukken
nietig verklaard. Uiteindelijk worden de 2 dus niet
vervolgd voor valsheid in geschrifte in België.
Op 8 juli kwamen 3000 mensen bijeen in Zornotza, in de
provincie Bizkaia, om de al 25 jaar durende detentie van
José Mari Sagardui aan te klagen. Als de wet was
nageleefd, die stelt dat je op driekwart van je straf eruit
mag, dan zou Sagardui in 1995 al vrij zijn gekomen.
Sagardui zit echter in isolatie in de gevangenis van Jaen
in Andalusië, op 800 kilometer van zijn woonplaats. De
gevangenenhulporganisatie Etxerat klaagt het zwijgen
van de Baskische regeringspartijen aan.
In Grenoble, Frankrijk, worden op 28 juli twee mannen
opgepakt op verdenking van ‘ETA-lidmaatschap’. Ze
waren in het bezit van wapens en valse
identiteitsbewijzen en zouden volgens de politie ‘van
plan zijn toe te slaan in Spanje’.
-
Nasleep verkiezingen Baskenland 17 April
Op 7 juli werd de klacht van de organisatie AVT, de
‘Slachtoffers van het terrorisme’ tegen de Baskische
politieke partij EHAK als zou zij een ‘erfgenaam van
Batasuna en een aanhangsel van ETA zijn’, door het
openbaar ministerie behandeld. EHAK was niet
schuldig aan enig delict. Meer succes is er voor AVT op
13 juli, als Fernando Grande-Marlaska, de opvolger van
de beruchte onderzoeksrechter Baltasar Garzón, besluit
om de klacht in behandeling te nemen als zou EHAK
‘samenwerken met een gewapende bende’. De ex-
minister van de Partido Popular Angel Acebes riep zelfs
dat ‘Zapatero de bewijzen voor de rechters achterhoudt
waaruit blijkt dat EHAK buiten de wet gesteld moet
worden. Het bestuur en de oprichters van EHAK Juan
Carlos Ramos, Aritz Blazquez, Javier Ramos en Juan
Manuel Rodriguez, die geen van allen in het Baskische
parlement zitten, gaan vervolgd worden.
De Universiteit van Baskenland houdt eens in de zoveel
tijd een enquête onder de inwoners van Baskenland;
deze keer belden ze 1.800 mensen met een aantal
vragen. 77% van de Basken is voorstander van
onderhandelingen met ETA, 50% wil dat ETA vooraf de
wapens neerlegt, 27% wil onderhandelingen zonder
voorwaarden. Van deze groep heeft 85% gestemd op
EHAK, maar ook 29% op de PNV en 61% op Aralar.
94% van de PP-kiezers wijst elke onderhandeling bij
voorbaat af. 55% van de ondervraagden is voorstander
van gratie als ETA de wapens definitief neerlegt, 21% is
tegen elke gratiemaatregel. 67% is tegen het buiten de
wet stellen van EHAK, 19%, voornamelijk PP-kiezers,
wil dat EHAK veroordeeld moet worden door de
rechtbank omdat ze steun kreeg van Batasuna. 56% van
de ondervraagden wijst ETA af, 0,3% blijft ETA expliciet
steunen.
De Baskische regering probeert het nog maar eens; op
20 juli vragen zij aan de Spaanse regering de dringende
overdracht van 3 bevoegdheden, zoals die waren
vastgelegd in het Statuut van Gernika uit 1978, dat
voorziet in de autonomie van de 3 Baskische provincies
Bizkaia, Araba en Gipuzkoa. Het gaat dan om
zeggenschap op het gebied van
werkgelegenheidspolitiek, gevangenissen en de
financiële kant van de sociale zekerheid. Tegelijk werd
de bevestiging gegeven van nog eens 5 bevoegdheden,
die in 2001 en 2002 al waren gevraagd, te weten op de
gebieden van gemeenteraadsverkiezingen, privé-
beveligingsorganisaties, spoorwegennetwerk,
wetenschappelijk onderzoek en de wegen. Er wordt
vaak verwezen naar de verregaande autonomie van de
3 Baskische provincies; in theorie klopt dit, maar in de
praktijk zijn dus tal van bevoegdheden nog steeds niet
door Madrid overgedragen aan de Baskische
Autonome Regering.
-
Repressie
De Baskische antifolterorganisatie TAT maakt de
halfjaarlijkse balans op inzake foltering van Basken,
vooral jongeren, die in isolatiedetentie werden
geplaatst; van de 47 personen die in de beruchte
‘incommunicado’-detentie terechtkwamen, werden er 44
gefolterd.
In Baiona, Frankrijk, wordt op 5 juli de woordvoerder van
de in Spanje verboden linkse Baskische
jongerenorganisatie SEGI Eneko Aizpuru gearresteerd
en direct uitgeleverd aan Spanje. Aizpuru werd in
Franrkijk al eerder, op 19 april 2002, gearresteerd maar
moest op technische details weer worden vrijgelaten.
Frankrijk nam het Spaanse uitleveringsverzoek wel in
behandeling en dat is nu dus goedgekeurd.
Op 14 juli is het 7 jaar geleden dat de linkse Baskische
krant EGIN en het radiostation Egin Irratia door de
Spaanse overheid gesloten werden. De aanklacht was
dat de krant en de radio deel uit zouden maken van
ETA; tot op heden is hiervan echter niets bewezen. Wel
verloren 200 mensen hun baan en werden 15 mensen
gearresteerd, waarvan er 11 lange tijd in de gevangenis
verbleven.
Op 18 juli wordt Araitz Zubimendi door de rechtbank in
Bilbao vrijgesproken van ‘het verheerlijken van
terrorisme’, nadat ze op 30 juli 2001 de kist had
gedragen waarin het stoffelijk overschot van Olaia
Kastresena lag. Zij verloor het leven toen een bom die
wilde leggen ontplofte. Eerder werden Arnaldo Otegi en
Jos Salaberria aangeklaagd in dezelfde zaak en ook
vrijgesproken. Zubimendi blijft echter in de gevangenis,
nadat ze door Frankrijk aan Spanje werd uitgeleverd
wegens ‘lidmaatschap van een gewapende bende’ in
de zaak ‘Jarrai-Haika-SEGI’.
Iñaki Uria, voormalig directeur van het op 20 februari
2003 door de Spaanse overheid gesloten
Baskischtalige dagblad Egunkaria, moet op 20 juli bij
de rechtbank in Donostia komen getuigen over zijn
verklaring dat hij 5 dagen lang door de Guardia Civil
gemarteld zou zijn na zijn arrestatie 29 maanden
geleden. Het steuncomité voor Egunkaria manifesteert
voor de deur van de rechtbank. Uria klaagde de rechter
aan voor zijn traagheid in de zaak en voegde aan zijn
verklaring toe dat hij nog steeds gewond is aan zijn
linkervoet. De agenten van de Guardia Civil getuigden in
Madrid.
Op 20 juli sterft Imanol Gómez Gonzáles uit Donostia in
Flaugnac, Frankrijk, nadat hij bij een wegcontrole door
de Franse politie op de vlucht sloeg en met z’n auto
tegen een boom reed. Pas 24 uur later werd zijn
identiteit bekendgemaakt en kranten schreven over dat
er ‘documenten bij hem gevonden waren die hem in
verband brachten met ETA’. In Spanje werd Gómez
echter niet gezocht. Zijn dood is met mysteries omgeven
en de anti-repressie organisatie Askatasuna roept de
autoriteiten dan ook op om duidelijkheid te geven. In
Donostia en tal van andere dorpen en steden gaan
mensen de dagen erna de straat op om de dood van
Gómez aan te klagen. In Donostia worden Iker
Otamendi, Iñaki Aristi en Mikel López gearresteerd en
op de aanklacht ‘terrorisme’ en ‘verheerlijking’ naar de
gevangenis Soto del Real in Madrid overgebracht. Een
ex-raadslid van Batasuna, Josetxo Ibazeta, wordt tijdens
de protesten in de rug geschoten met
een rubberkogel en wordt door de Baskische politie Ertzaintza 3 gebroken
rugwervels getrapt.
Op 27 juli worden 6 personen in Bizkaia en Naffaroa opgepakt op beschuldiging
van
‘lidmaatschap van het rekruteringsapparaat en de infrastructuur van ETA
’. Drie dagen later worden Ainara Artetxe, Gorka López, Unai Gorostizaga en
Alberto Gil vrijgelaten. Maite Orue moest eerst 12.000 euro borg betalen en Sue
Lorenzo werd opgesloten in de gevangenis.
-
ETA-aanslagen/verklaringen
Op 10 juli stond er in diverse Baskische en Spaanse kranten een, zonder
vermelding van bronnen, stuk waarin wordt gesteld dat ETA de 6 Baskische
politieke gevangenen Pako Mujika Garmendia, Iñaki Arakama, Iñaki Bilbao
Beaskeotxea, Karlos Almorza, Kepa Solana en Koldo
Aparicio Benito uit de organisatie had gezet. Zij zouden
in augustus 2004 een brief hebben ondertekend waarin
ETA werd bekritiseerd en werd opgeroepen om de
gewapende strijd te staken. Dit was een intern
discussiestuk, maar lekte na de pers. Het collectief van
Baskische politieke gevangenen, EPPK, beschuldigde
ex-topman van Herri Batasuna Patxi Zabaleta,
tegenwoordig parlementariër van Aralar, een afsplitsing
van Batasuna, en verbrak alle banden met hem.
Zabaleta protesteerde direct tegen de vermeende
beslissing van ETA.
In Bizkaia ontploffen op 12 juli 4 kleine bommen bij de
electriciteitscentrale Boroa; ETA had 3 kwartier van
tevoren gewaarschuwd bij de Baskische krant GARA en
de Baskische ANWB. Er werd nauwelijks schade
aangericht.
Op 30 juli ontploffen, bij het begin van de vakantie, langs
2 autosnelwegen 2 bommen, bij Maqueda in Toledo en
bij Puerto Lapice in Ciudad Real. Namens ETA werd er
gewaarschuwd bij de Baskische krant Gara.
|