Maandelijkse digitale BIC-Nieuwsbrief nr. 6, periode 1 - 30 juni 2005
1) Baskische politieke gevangenen
2) Nasleep verkiezingen Baskenland 17 April
3) Repressie
4) ETA-aanslagen/verklaringen
  1. Baskische politieke gevangenen

    Marixol Iparragire, Baskische politieke gevangene in Muret- Seysses in Frankrijk is sinds 17 mei in hongerstaking om verbetering van haar omstandigheden te eisen en het verkeersongeval, waar verschillende familieleden van haar op terugreis naar Baskenland na een bezoek bij haar, bij betrokken waren, aan te klagen. Iparragire moet elke maand van cel veranderen, maar geen studieboeken op haar cel en mag niet meedoen aan activiteiten in de gevangenis. Haar partner en vermeend topman van ETA, Mikel Albisu is in dezelfde gevangenis een solidariteitshongerstaking begonnen.

    Op 1 juni weer een verkeersongeval, wat het aantal gewonden op de weg heen en terug van gevangenissen waar hun vrienden of familie vastzitten dit jaar al op 42 brengt. Deze keer raakt Irantzu Abad, vriendin van de Baskische politieke gevangene Jorge Uruñuela die in Madrid vastzit, in coma, en moet met gebroken armen en een zware hersenschudding in het ziekenhuis worden opgenomen, nadat de auto waarin ze zat over de kop ging en tegen een muur botste. De andere inzittenden kwamen ervanaf met diverse kneuzingen.

    In de nacht van 4 op 5 juni leverde Canada de 2 Baskische politieke gevangenen Gorka Perea en Eduardo Plagero aan Spanje uit. Ze worden beschuldigd van straatgeweld in het kader van de "Kale Borroka" in 1992, werden mishandeld na arrestatie in Spanje en besloten te vluchten; ze dreigen nu tot respectievelijk 6 en 7 jaar te worden veroordeeld in Madrid. De beide jongens leefden in Quebec waar ze politiek asiel hadden aangevraagd; na 2 jaar gevangenschap werden ze in november 2003 op borg vrijgelaten, maar in december 2004 verdwenen ze opnieuw achter de tralies, nu om uitgeleverd te gaan worden.

    In Argentinië bevestigde het Hooggerechtshof het besluit van een rechtbank om Josu Lariz niet uit te wijzen; de Spaanse regering reageerde woedend en had meer medewerking van Argentinië verwacht. Mogelijk krijgt dit nog een staartje. De 6 Baskische politieke gevangenen in Mexico wachten nog immer op een nieuwe uitspraak in hun zaak; ook zij dreigen uitgeleverd te worden.

    In Uruguay stierf de Baskische politieke vluchteling Juan Jose Urrutia na een langslepende ziekte; hij vluchtte in 1992 uit Baskenland, zat 18 maanden in Uruguay gevangen, maar werd niet uitgeleverd. Sinds december vorig jaar lag hij in het ziekenhuis.

  2. Nasleep verkiezingen Baskenland 17 April

    Op 4 juni demonstreren er 50.000 mensen in Bilbao onder het motto "Orain herria, orain bakea", "Nu het volk, nu de vrede", zoals het vredesvoorstel van Batasuna luidt. Ook werd de gevangenenspreidingspolitiek aangeklaagd en droegen velen een zwarte rouwband in verband met het overlijden van Jon Idigoras een dag eerder. Idigoras stond aan de wieg van de linkse Baskische vakbond LAB en was medeoprichter van Herri Batasuna, waarvan hij tot 1995 woordvoerder bleef. Hij zat lange tijd als volksvertegenwoordiger in het Spaanse parlement, werd in 1985 in Ecuador ontvoerd en het land uitgezet, zat enkele keren in de gevangenis (bv wegens het zingen van "Eusko Gudariak" in 1981 toen de Spaanse koning Carlos in Gernika werd ontvangen), wist 75 gerechtelijke onderzoeken tegen hem gestart, moest 200 keer voor de Audiencia Nacional in Madrid verschijnen en overleefde 2 aanslagen op zijn leven. Arnaldo Otegi beloofde in zijn toespraak voor de demonstranten dat er voor de viering van Aberri Eguna volgend jaar onderhandelingen tussen Madrid en ETA van start zullen zijn gegaan.

    Op dezelfde dag demonstreren 250.000 (volgens de politie, volgens de organisatoren en de media een half miljoen tot een miljoen) mensen na een oproep van de Vereniging Slachtoffers van het Terrorisme (AVT) en de Partido Popular tegen het door het Spaanse parlement afgegeven mandaat aan de regering Zapatero om een dialoog aan te gaan met ETA. Er werden leuzen geroepen als "Aznar presidente" en "Je voelt het, je merkt het, Aznar is er!". Het kopspandoek droeg de leus 'Voor de slachtoffers en voor iedereen, geen onderhandelingen uit onze naam'. De woordvoerder van de AVT, Fransisco José Alcaraz, noemde Zapatero "verrader van de doden".

    Na de verkiezingen in Galicië op19 juni, waar de Partido Popular van Manuel Fraga, PP-oprichter, schutspatroon van Aznar en Rajoy en ex-minister onder Franco, de macht verliest, is de weg vrij voor Zapatero en de Spaanse PSOE om een wat moediger politiek in de regio's te voeren, met name in Baskenland, zonder de druk van PP's bolwerk Galicië in haar nek. De PP probeerde in Galicië de inwoners bang te maken voor de Galicische linksnationalisten daar, door te beweren dat zij "ETA importeren in Galicië", maar het mocht niet baten; de PSOE en de linksnationalisten van het Galicisch Blok regeren de komende 4 jaar.

    Op 22 juni wordt Ibarretxe opnieuw gekozen tot Baskische president; EHAK gaf 2 van haar 9 stemmen aan Ibarretxe die zo, met steun van haar coalitiepartner EA en de IU, op 34 stemmen uitkwam. Patxi Lopez, de kandidaat van de Baskische PSOE kreeg steun van zijn eigen partij en van de PP en kwam uit op 33. Aralar, de afsplitsing van Batasuna, stemde blanco en de 7 overgebleven leden van EHAK schreven "democratie en vrede" op hun stembiljet, waardoor ze ongeldig werden. De nieuwe Baskische regering EAJ-PNV, EA en IU gaat van start met een minderheid maar met een ambitieuze agenda; ze steunt de wil tot onderhandelen van Zapatero met ETA en wil gedurende haar regeerperiode een referendum over de politieke status van Baskenland houden. Bij de inauguratie van Ibarretxe in Gernika schitterden de EHAK-parlementariërs overigens door afwezigheid.

  3. Repressie

    Het VN-comité tegen foltering rapporteert dat de Spaanse overheid enkele artikelen van de conventie heeft geschonden en geeft hen 90 dagen om een einde te maken aan de folterpraktijken. De uitspraak werd gedaan naar aanleiding van de zaak van Kepa Urra Guridi, die op 8 februari 2002 een klacht indiende bij de VN; Urra werd in januari 1992 door de Guardia Civiel opgepakt en werd dusdanig zwaar gefolterd dat hij in het ziekenhuis moest worden opgenomen. Hij diende een klacht in tegen de agenten. Het Hooggerechtshof in Bizkaia veroordeelde in 1997 2 agenten van de Guardia Civil tot gevangenisstraffen van 4 en 6 jaar, die echter in beroep werden teruggebracht tot 1 jaar. In het beroep werd 'dan wel bewezen dat er bij de ondervraging geweld was gebruikt om bekentenissen te verkrijgen, maar dat een straf van 1 jaar evenredig is aan de ernst van het gepleegde delict'. Op 16 juli 1999 schold de ministerraad dan de straf aan de agenten kwijt. Het VN-comité vindt dit 'gebrek aan bestraffing' ontoelaatbaar en het disciplinair onderzoek binnen de Guardia Civil 'onvoldoende om herhalingen van overtredingen te voorkomen'.

    Begin juni wijst een Madrileense rechter de klacht van Unai Romano, een jonge Bask die in 2001 zwaar gemarteld werd en wiens foto's van 'voor en na de behandeling¿ beroemd werden, af en overweegt een klacht in te dienen tegen Romano wegens het vervalsen van medische bewijzen. Meer over Romano

    Op 8 juni moeten Arnaldo Otegi en Jon Salaberria van Batasuna opnieuw voor het Spaanse Hooggerechtshof in Madrid verschijnen, nu op beschuldiging van 'ETA-leiderschap'. Otegi mag na het aanhoren van de aanklacht weer vertrekken; toch opmerkelijk voor een 'ETA-leider'. Tegen Salaberria loopt al een tijdje een internationaal opsporingsbevel, hij kwam dan ook niet opdagen.

    Vier van de 27 mensen die worden aangeklaagd in de zaak tegen de Pro-Amnistia-beweging, die in 2001 werden opgepakt, worden op 14 juni vrijgelaten tegen een borgtocht van 10.000 euro. Het gaat om Julen Zelarain, Gorka Zulaika, Josu Beaumont en Iñaki Reta; wel worden tegen allen gevangenisstraffen van 10 jaar geëist. Reta werd overigens pas op 5 februari 2003 opgepakt in een operatie tegen de anti- repressie organisatie Askatasuna.

    Op 20 juni wordt er door de 4e Kamer van het Spaanse Nationaal Gerechthof uitspraak gedaan in de zaak tegen de linkse Baskische jongerenorganisaties 'Jarrai-Haika-SEGI', waarin 28 jongeren terechtstonden wegens 'lidmaatschap van een terroristische organisatie'. De rechtbank besluiten dat de jongerenorganisaties ideologisch wel dicht bij ETA staan, maar dat er geen wapens worden gebruikt en dat er dus van terrorisme geen sprake is. Wel worden 16 jongeren veroordeeld wegens lidmaatschap van een 'illegale organisatie' en krijgen 3,5 jaar cel, 8 jongeren 2.5 jaar wegens 'actief lidmaatschap', 4 werden vrijgesproken en 5 al eerder vrijgelaten. Omdat de uitgesproken straffen lager zijn dan hun voorarrest (sommigen zaten al 4 jaar), komen ze allemaal op vrije voeten, op Markel Ormazabal, Ibon Meñika en Igor Chillon na. Zij moeten mogelijk nog een straf uitzitten als de uitspraak definitief is, omdat hun straf hoger is dan hun periode van voorarrest. Er werd overigens bij geen 1 van de veroordeelden een criminele daad vastgesteld, waardoor de uitspraken absurd blijven. Allen moeten de komende 20 maanden nog 5 euro per dag boete betalen en nog opdraaien voor de proceskosten. De voorzitter van de PP Mariano Rajoy draait de boel om als hij in een commentaar op de uitspraak zegt dat SEGI wel een terroristische organisatie is; ze staan immers op de EU-lijst voor terreurgroepen? Indertijd werd SEGI door toedoen van de PP op de lijst geplaatst; hiervoor is een enkel vooronderzoek in eigen land voldoende. Overigens blijft SEGI in Spanje een verboden organisatie.

    Op nieuwjaarsnacht 2000 werd de kazerne van de Guardia Civil in Galdakano met molotovcocktails aangevallen, wat een schade van 45.000 euro opleverde en een agent met brandwonden aan het hoofd. Drie jongeren, Ugaitz Pérez, Iker Lima en Jon Crespo werden voor deze actie van de 'Kale borroka' op 22 juni door het Hooggerechtshof in Madrid elk tot 22 jaar cel veroordeeld.

  4. ETA-aanslagen/verklaringen

    Op 11 juni ontploft een granaat van ETA bij het vliegveld van Zaragoza, dat naast een militaire luchtbasis ligt. Een uur vantevoren had ETA gewaarschuwd bij de Baskische krant GARA; 1 granaat ontplofte na lancering uit een granaatwerper, de andere haperde. Er vallen geen gewonden, enkele vluchten werden geannuleerd.

    In een verklaring in de linkse Baskische krant GARA op 17 juni stelt ETA dat 'een oplossing mogelijk is' en dat ze 'zich volledig ter beschikking stelt om deze oplossing te bereiken'. Verder eist ETA 9 aanslagen op, waaronder 1 op het graf van Franco dat door dwangarbeiders tijdens de Spaanse burgeroorlog werd gebouwd.

    Op 15 juni volgt er een nieuwe verklaring van ETA, gestuurd aan de Baskische kranten GARA en Berria en de Baskische TV- zender EiTB; zij kondigt aan te zijn gestopt met aanslagen op verkozen leden van Spaanse politieke partijen.

    Bij het symbool van de Spaanse pogingen om de Olympische Spelen van 2012 binnen te slepen, het stadion van Peineta in Madrid, laat ETA op 25 juni een bom afgaan. De Spaanse ANWB en de Baskische krant GARA kregen waarschuwingstelefoontjes. Er vielen geen gewonden, de schade was gering, de rookontwikkeling groot. Vertegenwoordigers van het OIC waren op dat ogenblik overigens op bezoek in Almeria in Andalusia.

Ga terug naar index