Maandelijkse digitale BIC-Nieuwsbrief nr. 1, periode 1 t/m 31 januari 2005
1) Baskische politieke gevangenen
2) Initiatieven uit Baskenland om te komen tot een politieke oplossing van het conflict
3) Repressie
4) ETA-aanslagen/verklaringen
5) Persstemmen

  1. Baskische politieke gevangenen

    Op oudejaarsdag gingen zo'n 8000 mensen in 60 dorpen door heel Baskenland de straat op om stil te staan bij de ruim 700 Baskische politieke gevangenen. 50 mensen demonstreerden bij de grootste gevangenis van Madrid, Soto del Real. Volgens de gevangenenhulporganisatie Etxerat heeft 2004 een verslechterende situatie laten zien, met 712 politieke gevangenen meer dan ooit in de geschiedenis van Baskenland, verspreid over 88 gevangenissen in 6 landen. Veel kritiek was er ook op de Baskische politieke partijen, die niets deden om 'het lijden van de gevangenen en hun familie-leden te stoppen', doelend op de isolatie en de verspreidingspolitiek.

    Het Baskische gevangenencollectief EPPK geeft op 4 januari een verklaring uit waarin ze aankondigen acties te gaan voeren en dat de Baskische gevangenen in Mexico, België, sommigen in Frankrijk en Spanje, 37 mensen, de eerste 'estafette' zijn gestart en tot 13 januari hun cel niet zullen verlaten. De betrokken gevangenen hebben allemaal een brief naar hun gevangenisdirecteur gestuurd om hun motieven toe te lichten. Ze eisen erkenning van hun basisrechten als gevangene, maar ook die van politieke gevangene en willen betrokken worden in het proces om te komen tot een politieke oplossing van het conflict in Baskenland.

    Prominente artiesten, schrijvers en politici uit Frankrijk eisen op 7 januari de vrijlating van de zanger Peio Serbielle uit Zuberoa, die in de Frans- Spaanse politie-operatie van 3 oktober vorig jaar in Béarn werd opgepakt. Serbielle zit nu 700 kilometer van zijn woonplaats gevangen, heeft verklaard dat hij uit humanitaire redenen onderdak verschafte aan kennelijke ETA-leden en werd op 9 november voorgeleid. Daar bleek dat hij geen 'gevaar' meer vormde en dat bovendien zijn proces niet voor het einde van 2006 zou gaan worden gehouden.

    Op 8 januari demonstreren in Bilbao zo'n 32.000 mensen voor de overplaatsing van Baskische politieke gevangenen naar Baskenland. De partijen Batasuna en Aralar en de vakbonden ELA en LAB ondersteunen de oproep van de pro-amnestia-beweging in Baskenland. Voorafgaand aan de demonstratie liepen 100 ex-politieke gevangenen en daarna volgende familieleden en vrienden met de portretten van de 712 gevangenen.

    De Baskische politieke gevangene Iñaki de Juana Chaos, die eigenlijk op 9 februari vrijgelaten zou gaan worden vanwege het uitzitten van 18 jaar gevangenisstraf, krijgt op 10 januari te horen dat dat voorlopig niet gaat gebeuren. Aanleiding zijn volgens rechter Fernando Grande-Marlaska 2 opinie-artikelen die De Juana schreef aan de linkse Baskische krant GARA, waarvoor hij nu de beschuldiging van 'ETA-lid' en 'het maken van terroristische bedreigingen' aan zijn broek heeft gekregen. De Juana werd eerder onder andere veroordeeld wegens 'mededaderschap' in een aanslag in 1986 in Madrid waarbij 12 leden van de Guardia Civil omkwamen.

    Een soortgelijke zaak is die van de Baskische politieke gevangene Edorta Sainz-Lobato, die op 13 januari na het uitzitten van 17 jaar vrijgelaten had moeten worden, maar op bevel van rechter Javier Gomez-Bermudez achter de tralies moet blijven, totdat 'maatregelen van strafkorting' onderzocht zijn. Het is geen toeval; het Spaanse justitiële systeem en de Spaanse minister van Binnenlandse Zaken Jose Antonio Alonso zoeken naar maatregelen om te voorkomen dat Baskische politieke gevangenen die hun straf hebben uitgezeten vrijkomen. De Spaanse minister van Justitie, Juan Fernando Lopez-Aguilar, zei dat "ze niet vrij mochten komen voordat ze spijt hebben betuigd". Er zijn op dit moment 100 Baskische politieke gevangenen die volgens de Spaanse wetgeving op driekwart van hun straf zouden moeten vrijkomen. Ook de strafkortingsmaatregelen die toegepast kunnen worden door te werken in de gevangenis en door goed gedrag worden niet op hen toegepast. Een ander voorbeeld is die van Filipe Bidart, die in februari 2003 al vrij had moeten komen. Er wordt op dit moment campagne gevoerd voor zijn vrijlating, onder andere via de Frans- en Baskischtalige website www.filipeaska.com

  2. Initiatieven uit Baskenland om te komen tot een politieke oplossing van het conflict

    De in mei 2003 verboden lokale kiesplatforms van de linkse onafhankelijkheidsbeweging zeggen in een verklaring op 13 januari dat 80 verkozen volksvertegenwoordigers hun zetel niet hebben ingenomen of die op een gegeven moment hebben verlaten. Ze kondigen aan dat in de komende weken meer zetels zullen worden opgegeven, en dat ze de 472 raadszetels waar ze volgens gehouden schaduwverkiezingen in mei 2003 recht op hebben, zullen blijven opeisen.

    Op 15 januari wonen zo'n 1000 mensen, waaronder 40 burgemeesters uit de regio, de oprichting van Euskal Herriko Laborantza Ganbara (Landbouwkamer van Baskenland) in de Frans-Baskische provincie Behe Naffaroa bij. Na jaren campagne voeren voor zo'n eigen Kamer, de weigering van het Franse ministerie van Binnenlandse Zaken, richtten de Baskische boeren in Frankrijk hun eigen vertegenwoordiging op.

  3. Repressie

    Eind december nam het Spaanse parlement een wet aan die het mogelijk maakt dat het Spaanse leger, overvloedig gestationeerd in Baskenland, kan ingrijpen tegen ETA. Het leger vroeg al langer naar zo'n wet, maar nu komt-ie er dan na de aanslagen van 11 maart 2004 in Madrid door islamitische terroristen. Wel heeft Baskenland al jaren te lijden onder militaire manoeuvres, zoals parachutisten die midden in dorpjes landen en mensen gaan vragen naar hun identiteitspapieren, of omvangrijke oefenbombardementen in Naffaroa. In 1981 hielp het leger al aan het hermetisch afsluiten van de grens tussen Spanje en Frankrijk, de rivier Muga, die als een scheidingslijn door Baskenland loopt.

    De Openbaar Aanklager Enrique Molina van het Audiencia Nacional in Madrid eist op 4 januari bij elkaar 654 jaar gevangenisstraf voor de 42 aangeklaagde jongeren in de zaak tegen de linkse Baskische jongerenorganisaties Jarrai-Haika-SEGI. Volgens Molina zijn de jongeren, die allemaal openbare functies bekleedden bij hun organisaties, 'leden' of 'medewerkers' van ETA en dat leidt hij af uit dat de organisaties dezelfde doelen hebben en zelfs een 'financiële eenheid' vormden. Van 10 van de 42 aangeklaagden is de verblijfplaats onbekend. Tegen Asier Tapia eist Molina 111 jaar en 10 maanden gevangenisstraf vanwege een persconferentie die hij op 6 maart 2001 gaf naar aanleiding van de arrestatie van 15 Haika-leden op bevel van de Spaanse onderzoeksrechter Baltasar Garzón. Tapia riep daar op tot een reactie op die arrestaties. Molina houdt hem nu verantwoordelijk voor '22 daden van terroristisch straatgeweld', die volgden op de arrestaties, en eist bovendien nog 24 miljoen euro schadevergoeding. Het proces moet nu snel gevoerd gaan worden, want in maart 2005 verloopt de termijn van 4 jaar voorarrest en zouden de eerste jongeren moeten worden vrijgelaten. In het plaatsje Lekeitio, waar 3 van de beschuldigden vandaan komen, gingen 125 mensen uit protest tegen de aanklachten de straat op.

    Enkele dagen later reageren 7 aangeklaagden op een persconferentie, waarbij zo'n 80 vertegenwoordigers van allerlei sociale en maatschappelijke organisaties letterlijk achter hen staan, op de eisen van Molina. "Dit is kennelijk de prijs die we moeten betalen voor ons werk tegen de baanonzekerheid die bestaat, voor de strijd voor beter onderwijs en taalrechten, voor de alternatieve life-style in de 'social centres', voor onze strijd voor gelijke behandeling van sexes," zo stelden ze.

    Het Spaanse ministerie van Binnenlandse Zaken openbaarde op 5 januari cijfers over hun 'anti-terreur'-operaties die ze ondernamen in 2004. Zo arresteerde de Spaanse veiligheidskrachten 74 vermoedelijke ETA- terroristen en nog eens 57 verdachten werden er in Frankrijk gearresteerd en 4 in België. Bij die laatste hebben ze vermoedelijk naast Jon en Diego ook Luis en Rakel opgeteld. Die zijn echter vrijgesproken en niet uitgeleverd. Ook werden er 3 leden van GRAPO, 1 lid van de Italiaanse Rode Brigades en 1 IRA-lid gearresteerd. En 131 arrestaties in onderzoeken naar islamitisch terrorisme. Met betrekking tot ETA zijn er volgens de politie 2 'terroristische cellen' opgerold, 3 netwerken die zich bezighielden met recrutering en infrastructuur ontmanteld en diverse leden die tot de 'leiding van ETA' behoorden opgepakt. Het was het eerste jaar sinds de wapenstilstand van 1999 dat er geen dodelijke slachtoffers door ETA vielen.

    Tegen de woordvoerder van de Baskische anti-repressie organisatie Askatasuna, Jean François Lefort, die op 7 december werd opgepakt, wordt op 14 januari het Europees Aanhoudingsbevel in werking gesteld. Lefort is echter Frans staatsburger en de Spaanse justitie heeft tot op heden geen enkel bewijs tegen hem, enkel algemeenheden.

    De Openbaar Aanklager Juan Moral draagt op 17 januari de onderzoeksrechter Garzón op om 36 leden van Batasuna te vervolgen vanwege 'behorende tot ETA'. Ook moeten de Herriko Tabernas, de linkse volkskroegen, gesloten blijven en hun rekeningen (overigens ook die van Batasuna) bevroren blijven. In 2002 werd Batasuna beschuldigd van schade na straatrellen, en het doel van deze beide maatregelen van Moral is het dekken van de schuld van 24 miljoen euro. Garzón produceert op 25 januari een 267 pagina's tellend document waarin hij dezelfde hypothese als in de zaak '18/98', waarin hij allerlei sectoren van de linkse Baskische onafhankelijkheidsbeweging beschuldigd van 'lidmaatschap van ETA', uit de doeken doet. De 36 zijn allemaal 'op een of andere manier' aan ETA gekoppeld en volgens de onderzoeksrechter begingen ze hun 'misdaden' door het gebruik van die volkskroegen. Enkele van de aangeklaagden Batasuna-leden zijn echter ook lid van het Baskisch parlement en daardoor onschendbaar (voor zolang ze in dat parlement zitten natuurlijk) en daarom heeft de rechter de zaak wat hen betreft doorverwezen naar het Baskisch Hooggerechtshof.

    De internationale mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch brengt op 27 januari een 65 pagina's tellend rapport uit over de maatregelen van Spanje tegen terrorisme. Zware kritiek heeft HRW op sinds november 2003 mogelijke oprekking van de beruchte 'incommunicado'-detentie tot 13 dagen en de waarborgen tegen misbruik, mishandeling en marteling laten zeer te wensen over. Ook falen de Spaanse autoriteiten soms in het deugdelijk onderzoeken van klachten over mishandeling en marteling. Ook het recht op verdediging van 'terreur-verdachten' wordt met voeten getreden. En de termijn van 4 jaar voorarrest is volgens HRW buiten alle proporties, ook al omdat de gevangenen aan strenge isolatie worden onderworpen. De aanbevelingen van HRW komen dan ook niet als een verrassing en zijn feitelijk een herhaling van wat ieder jaar al wordt aanbevolen door andere mensenrechtenorganisaties: direct na arrestatie toegang tot een advocaat, mogelijkheid tot privé-gesprekken met advocaat, advocaten aanwezig bij alle stappen in procesgang, beperken van toelating van geheim bewijsmateriaal, proces binnen 2 jaar voeren en last but not least zorgdragen voor omstandigheden in bewaring bij politie en voorarrest die tegemoetkomen aan de internationale afspraken.

    Op 28 januari arresteert de Franse politie Araitz Zubimendi, Ibon Arbulu en Unai Berostegieta in Baiona en Ziburu, op bevel van de Spaanse onderzoeksrechter Garzón. Details over de reden van hun arrestatie zijn nog niet bekend, maar het is zeer waarschijnlijk dat het Europese Aanhoudingsbevel op hen gaat worden toegepast. Wat wel bekend is dat Garzón op 16 april 2004 een internationaal arrestatiebevel tegen Zubimendi, een voormalig lid van de linkse partij Sozialista Abertzaleak, op basis van beschuldigingen tegen haar in verband met de strafzaak tegen de linkse Baskische jongerenorganisatie SEGI. Bij deze zaak kwam zij niet opdagen. Het arrestatiebevel voor Arbulu, voormalig raadslid in Bilbao, dateert van 30 april 2003, toen de Guardia Civil in de politie- operatie tegen de zelforganisatie van gemeenteraadsleden Udalbiltza hem thuis wilden arresteren, maar hem niet aantroffen. Het arrestatiebevel voor Berostegieta is van 24 april 2003, beschuldigd als 'lid van ETA's recruterings-organisatie'.

  4. ETA-aanslagen/verklaringen

    Halverwege januari stuurt ETA een verklaring aan de Baskischtalige krant Berria, waarin ze benadrukken dat ze de 'Anoeta'-verklaring van de linkse onafhankelijkheidspartij Batasuna van 14 november vorig jaar (zie ook hier) onderschrijven en dat een 'breedgedragen, specifiek proces van dialoog' op gang moet komen om het politieke conflict op te lossen. ETA is 'volledig bereid' om in zo'n proces te participeren.

    Op 18 januari ontploft een autobom van ETA in de wijk Neguri in Getxo, waarbij aanzienlijke schade wordt aangericht en een agent van de Baskische regio-politie Ertzaintza lichtgewond raakt. De linkse Baskische krant GARA kreeg een half uur vantevoren een waarschuwingstelefoontje namens ETA en de beller zei ook dat de eigenaar van de auto vastgebonden zat in de omgeving van een ziekenhuis vlakbij Bilbao. Het was de 6e ETA-bom in die wijk sinds 1999, waar directeuren, politici en vooraanstaande journalisten wonen.

    De geruchten over gesprekken tussen vertegenwoordigers uit 'Spaanse regeringskringen' en ETA houden aan, zeker nadat Batasuna in een brief aan de Spaanse premier Zapatero schreef 'dat nu de tijd is om te onderhandelen'.

    Op 30 januari ontploft een bom van ETA bij een hotel in Dénia aan de Middellandse Zee, waarbij 2 mensen gewond raakten. ETA waarschuwde van tevoren met een telefoontje.

  5. Persstemmen

    Vanaf de tweede week van januari verschijnen er wat meer 'achtergrond'-artikelen in de Nederlandse pers over de stemming in Spanje en Baskenland over het 'plan-Ibarretxe', het plan van de Baskische regering om te komen tot een 'vrije associatie met Spanje'. NRC-correspondent Steven Adolf noemt het plan steevast 'afscheidingsplan', waarbij een 'Groot-Baskische Natie' zelfs de Franse provincies en Naffaroa gaat 'opslokken' en hij gebruikt meer van dat soort afschrikwekkende metaforen. Een contradictie zit vervolgens in zijn bewering dat de Spaanse premier Zapatero heeft gezegd dat er geen referendum over het 'plan-Ibarretxe' mag komen 'omdat er terreur heerst in Baskenland', terwijl anderzijds regeringskringen beweren dat het plan juist de ETA in de kaart speelt. Ergo, misschien dat een referendum naar minder terreur zou kunnen leiden? Adolf wil hier echter niet aan, dat is een veel te optimistische kijk op Baskenland. Liever militaire taal! Ook wijst hij op de 'vele concessies' die de Baskische regeringspartij EAJ-PNV en ook de links-republikeinse Catalaanse ERC van de centrale regering in Madrid hebben kunnen 'afdwingen' in ruil voor hun steun aan minderheidsregeringen. Adolf gaat eraan voorbij dat vanaf 1996 er niet zo'n minderheidsregering heeft bestaan en dat de repressie, zeker in Baskenland, juist in die periode ongekende vormen aannam. Wellicht heeft dat iets te maken met de wil in Baskenland om meer zelfbestuur te eisen? Maar niet-gespecificeerde enquêtes die Adolf aanhaalt wijzen juist uit dat de plannen 'evenmin op ruime steun in Baskenland' kunnen rekenen en dat blijft het mantra van het NRC.

    In berichtgeving op een mogelijke 'bestand met ETA' beweert Adolf dat de 700 Baskische politieke gevangenen allemaal 'terroristen' zijn, waarmee hij totaal voorbijgaat aan de willekeur van arrestaties, veroordelingen op basis van door marteling verkregen verklaringen en het in veel gevallen totale gebrek aan bewijs. De Amerikaanse advocatenorganisatie Lawyers Guild maakte kenbaar dat na onderzoek bleek dat maar liefst 90% van de Baskische politieke gevangenen op door martelingen afgedwongen verklaringen gevangenzat.

    Na de ETA-bom in Getxo bericht Adolf weer in tamelijke verwarring; nu was er plots sprake van optimisme in Spaanse regeringskringen na een mogelijke ondersteuning van het 'plan-Ibarretxe' door ETA met een vredesproces, en een verzwakte infrastructuur van ETA. Eerst was het 'plan-Ibarretxe' nog een oorlogsverklaring! Met een zeer populistische truc koppelt Adolf bovendien Batasuna-woordvoerder Otegi aan de aanslag, door te beweren dat deze eerder op de dag van de bomaanslag had gezegd dat er nog geen sprake was van een vredesproces. Nu lijkt het alsof Otegi het sein gaf voor de bom, maar dan is die infrastructuur van ETA toch nog prima in orde? Flauw, populistisch en bovendien onwaar. Als Adolf wat meer aandacht zou besteden aan alle initiatieven die in Baskenland worden genomen om tot een politieke oplossing te komen, dan zou hij zulk soort uitspraken in betere context kunnen plaatsen dan een toevallig citaat als hem dat uitkomt bij een bomaanslag.

    In een hoofdredactioneel commentaar in het NRC klinkt ook Adolfs visie door; geweld van ETA en het 'plan-Ibarretxe' wordt op één hoop gegooid en dat laatste is zelfs een bedreiging voor de democratische orde in Europa. De Baskische regeringspartij EAJ-PNV wordt verweten niet de Spaanse grondwet te erkennen, maar wel volgens die grondwet de Baskische regio te besturen. Volgens Adolf is dit minachting van de spelregels, foei! Het referendum is volgens Adolf chantage als op hetzelfde moment ETA nog iedere Bask die het niet eens is met afscheiding zou bedreigen en zo zou de EAJ-PNV de ene helft van de Baskische bevolking tegen de andere opzetten. En de inhoud van het plan is 'nog zorgwekkender', want het haalt een streep door het 'gedecentraliseerde staatsmodel' (?) dat een einde maakte aan 'eeuwen bloedige verdeeldheid' in Spanje. Hier wordt een pijnlijk gebrek aan historische kennis zichtbaar; Basken hebben door de eeuwen heen zich juist moeten verdedigen tegen indringers van allerlei pluimage, en doen dat gezien het 'plan-Ibarretxe' nog steeds, maar dan in een moderne, economisch zelfstandigere, variant. Als uitsmijter en stop op iedereen die nog tegenpruttelt presteert Adolf het met de racist Sabino Arana op de proppen te komen, de oprichter van de EAJ-PNV in 1895. In een tijd dat de meeste vooraanstaande denkers nogal racistisch denkbeelden hadden. Nergens in het 'plan-Ibarretxe' wordt verwezen naar het volgens Adolf 'racistisch nationalisme met superieure kenmerken van het Baskische volk'. Nee, dat is nu vertaald in 'zelfbeschikkingsrecht' door de 'politieke erfgenamen' van Arana. En natuurlijk; 'Baskenland is vermoedelijk de regio met de meeste bevoegdheden op grond van decentralisatie' en elke onafhankelijkheid, met volgens Adolf 'feodale rechten' zou een gigantische stap terug zijn in de geschiedenis, zelfs naar een 'Europa van een duister verleden'. Dat moet met 'kracht bestreden worden' en de NRC-correspondent in Madrid draagt zijn steentje bij, ook al met de kop boven het stuk; 'Baskische minachting'. Hulde.

Ga terug naar index