16-03-2004

Spaanse verkiezingen leggen dubbele moraal bloot

Er kunnen talloze redenen zijn waarom de Spaanse kiezers gestemd hebben zoals ze deden. De wijze waarop de regering heeft gepoogd na de bomaanslagen de publieke opinie duidelijk in de richting van ETA te sturen, was er ongetwijfeld een van. Ook het antwoord op de vraag wie achter de aanslagen zit, was volgens de meeste commentaren van grote invloed op het kiesgedrag. Achter die reden zit wel een dubbele moraal, stelt MATTHIAS STORME. ETA en het Baskenland (te) hard aanpakken mag wel, Al Qaeda en Irak niet.

De aanvankelijke onzekerheid omtrent de daders van de terreuraanslagen in Madrid - ETA of Al Qaeda - heeft in het licht van de Spaanse verkiezingen een merkwaardige dubbele moraal blootgelegd. De algemene teneur van de commentaren was dat het de aftredende regering goed uitkwam als ETA het gedaan had, en het de socialisten goed uitkwam al Al Qaeda het gedaan had. Als het ETA was, zou dat bewijzen dat de regering gelijk had met haar politiek, als het Al Qaeda was, dat ze ongelijk heeft gehad.

Welke fout van de Spaanse regering in het dossier-Irak zou worden aangetoond door een Al Qaeda-aanslag? Tegenstanders verwijten Aznar veel: meedoen aan de Amerikaanse strijd tegen het regime van Saddam Hoessein in Irak, aan de bezetting van het land, aan het opleggen aan de Iraakse bevolking van een grondwet die voor het eerst democratie invoert, aan het geven van een zekere autonomie aan verschillende etnische gemeenschappen, aan het proberen in evenwicht houden van islam en mensenrechten, enzovoort.

Men kan vanzelfsprekend ernstige bezwaren hebben tegen het voeren van oorlog en het opleggen van democratie en mensenrechten aan andere volkeren. Men moet ook de zaken durven voor te stellen op een wijze die een vergelijking met de Baskenlandpolitiek mogelijk maakt.

Wat is dan wel die Baskenlandpolitiek van de Spaanse regering waarvan het gelijk zou worden aangetoond door een ETA- aanslag? Baskenland krijgt van de Partido Popular van José María Aznar enkel een beperkt zelfbestuur, maar geen zelfbeschikkingsrecht. Baskenland heeft geen eigen leger. Het is het Spaanse gerecht dat het laatste woord heeft en mede de Spaanse politie die er optreedt.

De regering-Aznar is overgegaan tot een zeer drastische vervolging van eenieder die van ver of van dicht iets met ETA te maken zou hebben. Een politieke partij die een zesde van de stemmen haalt (Herri Batasuna) wordt verboden omdat ze banden zou hebben met ETA. Kranten (Egunkaria) werden om dezelfde reden verboden. Het zelfbeschikkingsrecht van Baskenland om zelf via democratische beslissingen zijn toekomst te bepalen, wordt verboden. Een nieuwe wet bepaalt zware gevangenisstraffen voor wie een referendum durft te organiseren. De grondwettelijke bevoegdheidsoverdracht uit 1979/1980 (statuut van Gernika) is op een hele reeks punten door de Spaanse overheid nog steeds niet uitgevoerd. Aznar weigerde elk gesprek met de gematigd-nationalistische democratisch verkozen Baskische regering omdat die niet duidelijk genoeg afstand zou hebben genomen van de radicale links-nationalistische partij Batasuna (Pact van Lizarra). Hij predikte overal hoe verderfelijk nationalisme wel is (althans het Baskische en Catalaanse, niet het Spaanse natuurlijk). In de Europese Unie was hij een van de grootste tegenstanders van een versterking van de positie van de regio's.

Logica

Welke logica steekt dan echter de commentaren die menen dat een ETA-aanslag Aznar gelijk zou hebben gegeven en een Al Qaeda aanslag ongelijk? Men looft Aznar om een politiek die in Baskenland de democratie inperkt en valt hem aan voor een politiek die in Irak de democratie invoert. De socialisten en de politiek-correcte commentatoren laten zich in Spanje alvast kennen als democratievijandig. Op Aznar onverzoenlijke houding jegens de Baskische regering hebben ze nauwelijks kritiek.

Als het om Basken gaat, moet men een politiek van confrontatie voeren. Die politiek culpabiliseert de hele Baskische natie omdat ze onvoldoende afstand neemt van terroristen. Het terrorisme aldaar moet worden uitgeroeid door de Basken klein te houden. Baskenland moet dwingend integrerend deel blijven uitmaken van Spanje. De idee dat de aanslagen zullen stoppen als Spanje zich zou terugtrekken uit Baskenland, wordt verontwaardigd als een knieval voor terreur van de hand gewezen.

Als het evenwel om Arabieren gaat, moet men een politiek van appeasment voeren. Men mag geen westerse modellen opleggen. Men mag vooral de islam niet culpabiliseren. Men moet de dialoog blijven voeren met 'gematigde' islamitische organisaties, ook al nemen ze onvoldoende afstand van radicalere bewegingen en partijen die banden zouden hebben met bommengooiers zoals Hamas. De terugtrekking van westerse troepen (zoals de nieuwe premier Zapatero aankondigt) is slechts een daad van elementaire wijsheid en zeker geen knieval voor terroristen.

Indien de ETA de aanslag had gepleegd, zou dit als een succes van de regering zijn beschouwd. Succes omdat het aantoont dat het gevoerde beleid de radicalen dusdanig heeft gemarginaliseerd dat ze niet meer voor rede vatbaar zijn en dus nog meer terreur zaaien? Is een aanslag door Al Qaeda in die optiek dan niet evenzeer een succes voor de regeringspolitiek? Is het niet ook een bewijs dat de islamterroristen maar doorhollen terwijl hun volk niet meer mee wil? Is het dan geen aansporing om ook jegens de Arabische wereld een compromisloze politiek voort te zetten?

Realpolitik

Misschien wil de linkerzijde, zodra ze aan de macht is, meer een realpolitik gaan voeren. Dat kan inderdaad een reden zijn om buiten Europa een heel stuk terughoudender te zijn dan de Amerikanen nu. Het rechtvaardigt geenszins het anti-Baskische beleid in Europa.

Ik durf te betwijfelen of een dergelijke zogezegde realpolitik Spanje kan helpen. Vergeten we niet dat Spanje het enige grondgebied is dat ooit langdurig en tot op heden op de islam werd heroverd. Vanuit een orthodox moslimstandpunt is dit een absurditeit van de geschiedenis. Om die reden alleen al zal Spanje in de hoofden van sommige extremisten een doelwit blijven.

De auteur is (buitengewoon) hoogleraar rechtsfaculteiten UA en KU-Leuven

Patrick Luysterman, De Tijd

Ga terug naar index