Verbod op de politieke partij Batasuna
De 20 feiten waarop het 'Tribunal Supremo' zijn vonnis baseert

In dit memo bespreek ik kort het feitencomplex dat aan het vonnis van het ‘Tribunal Supremo’ ten grondslag ligt. Voor de wet die aan het vonnis ten grondslag ligt en de wijze van totstandkoming daarvan verwijs ik naar het bijgevoegde boekje “Freedom of expression and opinion and right of association in the Basque Country” (Hoofdstuk 2.)

De onderhavige procedure, aangevangen door de Spaanse regering enerzijds en het Spaanse Openbaar ministerie (Ministerio Fiscal) anderzijds, is gebaseerd op de Wet op de Partijen (Ley de Partidos) van 27 juni 2002. Hierdoor kunnen alleen feiten die zich na die datum hebben voorgedaan een rol spelen bij een verbod. Het Tribunaal erkent dit enerzijds maar acht het anderzijds van belang om deze feiten in "een kader te plaatsen" van een aantal feiten die van (ruim) voor de inwerkingtreding van de Wet op Partijen dateren. Ik kom daar kort op terug na bespreking van de 20 feiten waarop het verbod op Batasuna is gebaseerd.

Dit memo pretendeert geen uitgebreide bespreking van het onderhavige vonnis te zijn. Ik beschrijf de feiten, zij het verkort, zoveel mogelijk in de bewoordingen van het tribunaal en ga daarbij niet in op de vraag of deze feiten terecht bewezen zijn verklaard, de wijze waarop de feiten gekwalificeerd worden of de reden waarom ze volgens het tribunaal een verbod rechtvaardigen.

De feiten die aanleiding hebben gegeven tot een verbod op Batasuna volgens het Tribunaal.

  1. Batasuna weigert deel te nemen aan een comité van het parlement van de Baskische autonome regio dat zich bezighoudt met de situatie van slachtoffers van het terrorisme omdat ze dit comité partijdig vindt.
  2. Arnaldo Otegi, woordvoerder van Batasuna, noemt de onderzoeksrechter Balthasar Garzón als "marionet in dienst van de Spaanse Staat om de Links-Abertzale beweging 1 te annuleren" en roept het Baskische volk op met kracht te reageren op deze nieuwe agressie, nadat de rechter in een beschikking Batasuna verantwoordelijk hield voor schade aangebracht door straatgeweld en de rekeningen van de politieke partij sloot. Otegi noemde deze beschikking bovendien "verantwoordelijk voor een ernstige en antidemocratische situatie".
  3. Arnaldo Otegi neemt deel aan een herdenkingsbijeenkomst aan een veldslag in de Spaanse burgeroorlog waarin hij zegt: "We moeten doorgaan met werken en strijden, of we nu legaal of illegaal zijn. We laten ons niet bang maken want we bevinden ons in een proces dat we onomkeerbaar moeten maken". Ook zegt Otegi dat de Links-Abertzale beweging een overwinningsstrategie volgt die "noch de Guardia Civil, noch de CRS noch de Audiencia Nacional 2 tegen kan houden".
  4. De burgemeester en een gemeenteraadslid van het plaatsje Lezo, beiden van Batasuna, nemen op 13 juli 2002 deel aan een protest tegen de uitlevering door Venezuela aan Spanje van een van ETA-lidmaatschap verdachte. Zij dragen een spandoek droegen dat de uit te leveren personen ondersteunde en waarop het logo van Gestoras pro-Amnistia 3 stond. De burgemeester was een week eerder naar Venezuela afgereisd om de autoriteiten aldaar ervan te overtuigen de uitleveringsprocedure te beëindigen.
  5. De woordvoerder van Batasuna in de San Sebastian zegt bij een protestactie voor een kantoor van de Spaanse marine in San Sebastian op 16 juli 2002 dat de actie bedoeld is om de autoriteiten: “te vertellen dat ze niet straffeloos in Baskenland kunnen verblijven en dat ze moeten horen dat het volk in beweging is en geen stap achteruit zal doen
  6. Naar aanleiding van een opmerking van de burgemeester van Vittoria dat Batasuna weigert de aanslagen van ETA te veroordelen merkt het gemeenteraadslid voor Batasuna, Jose Enrique Bert op 19 juli 2002 het volgende op: “[Batasuna] verlangt niet dat ETA ophoudt met moorden, maar dat er in Baskenland geen enkele vorm van geweld bestaat en dat degenen die geweld gebruiken ophouden met bestaan.
  7. Batasuna onthoudt zich van stemming bij het aannemen van een motie door de gemeenteraad van Amorebieta waarin een campagne tegen twee gemeenteraadsleden van de politieke partij PSE-EE 4 werd veroordeeld. De campagne bestond uit het verspreiden van posters met daarop een foto van de betreffende gemeenteraadsleden met de tekst: “jullie zullen betalen voor wat jullie hebben gedaan”.
  8. Tijdens een persconferentie in Ondarroa over de situatie van een in Frankrijk veroordeeld ETA-lid dat mogelijk naar Spanje zou worden uitgezet waaraan twee leden van Batasuna deelnemen - de burgemeester en de voorzitter van de gemeentelijke mensenrechtencommissie - noemt de zus van deze gevangene hem een “politiek vluchteling” en plaatst de burgemeester diens situatie “in de context van de repressie tegen de Links-Abertzale beweging
  9. Batasuna veroordeelt de aanslagen van ETA in de eerste week van augustus 2002 in Santa Pola niet. Woordvoerders van Batasuna noemen de aanslagen het pijnlijke gevolg van een politiek conflict en zien de Spaanse premier Aznar als eerste verantwoordelijke van dit conflict.
  10. Batasuna zet de campagne van het verboden Gestoras Pro-Amnistia voor de plaatsing van Baskische gevangenen in Baskische gevangenissen voort en gebruikt daarbij het logo dat voor deze campagne werd gebruikt 5.
  11. Tijdens een demonstratie in San Sebastian op 11 augustus worden pro-ETA leuzen geroepen waarbij de aanwezige Batasuna-leden een houding van minimale tegenstand of afkeuring aannemen.
  12. De dagen 12 en 14 augustus 2002 hangen aan de gemeentehuizen van Hernani, Ondarroa en Lekeitio, geregeerd door Batasuna, spandoeken met de tekst “Baskische gevangenen naar Baskenland” en enkele foto’s van veroordeelde ETA-leden.
  13. Op de webpagina van Euskal Herritarrok 6 staan foto's van een demonstratie waarop demonstranten te zien zijn met een spandoek waarop "Baskische gevangenen naar Baskenland" staat alsmede een interview met Juan Petrikorena waarin hij de PP en de PSOE ervan beschuldigt niet alleen de Links-Abertzale beweging aan te vallen maar alle democratische rechten, aldus handelend op een antidemocratische en Franquistische wijze. Bovendien noemt Petrikorena de situatie in Baskenland "politiek conflict" en toont "de gewapende strijd van ETA het politieke conflict in al haar wreedheid". Op de website is ook een video van een demonstratie te zien waarop demonstranten pro-ETA leuzen roepen en gemaskerde mensen pamfletten uitdelen.
  14. Tijdens een door Batasuna georganiseerde persconferentie op 21 augustus in Bilbao zegt Arnaldo Otegi dat de uitspraak van Garzon 7 voor een nationale noodtoestand zorgt en dat de uitspraak past binnen de strategie van genocide van de Spaanse staat die de vernietiging van de Links-Abertzale beweging zoekt. Otegi noemt Garzon wederom een marionet van de Staat en roept het Baskische volk op om zich te organiseren en te strijden zodat er nooit meer “een Spaans fascistisch mannetje zal zijn die de Basken vertelt wat ze moeten leren en hoe hun instituten in elkaar moeten zitten.” Bovendien eist Otegi van de Baskische regering dat ze niet meewerkt aan de uitvoering van de uitspraak en dat als ze meewerken aan de sluiting van de partijkantoren dit tot een ongewenste situatie zal leiden. Volgens diverse media zijn deze laatste woorden als bedreiging bedoeld.
  15. In een interview op 23 augustus zegt de parlementariër voor Batasuna, Josu Urrutikoetxea, dat ETA een politieke organisatie is met eigen methoden en doelen en "dat het er niet om gaat de acties van ETA te veroordelen. ETA voert de gewapende strijd niet omdat ze dat leuk vindt maar omdat de organisatie het noodzakelijk vindt om alle middelen in te zetten tegen de Staat". Ook zegt Urrutikoetxea:"Als alle abertzale krachten een overeenkomst over soevereiniteit zouden sluiten zou daardoor het gebruik van geweld door ETA kunnen stoppen, zoals ze dat zelf zeiden in de periode van Lizarra 8". Ten slotte beschuldigde Urrutikoetxea de Baskische president ervan mee te werken met de vernietigingsstrategie van Aznar.
  16. Tijdens een toespraak bij een demonstratie tegen het verbod op Batasuna riep Batasuna-bestuurder Joseba Permach de PNV 9 op: "verzet te bieden aan de geestelijke dwerg en zijn groepje fascisten" daarbij refererend aan Aznar. Ook zij Permach: "voordat ze het hadden over 23 redenen [om Batasuna te verbieden] hadden ze het over 7 redenen, en dat zeiden ze omdat hun onderbewustzijn hen verraden had. De zeven redenen zijn Araba Bizkaia, Gipuzkoa, Naffaroa, Baxenaffaroa, Lapurdi en Zuberoa, de zeven gebieden die we van de Spaanse fascisten en Franse Jacobijnen zullen afpakken".
  17. De gemeente van Zaldivia, geregeerd door Batasuna, noemt Hodei Galarraga, omgekomen toen een bom die hij vervoerde afging, 'favoriete zoon' van het dorp en vergoed de begrafeniskosten. De gemeenteraadsleden van Batasuna in Legazpia stellen voor ook een gevangene van ETA, Ramon Ostoaga, tot 'favoriete zoon' te benoemen.
  18. Vanaf 29 juni 2002 doen zich meerdere incidenten voor in de gemeenteraden van Vitoria en Lasarte-Oria waarbij de orde wordt verstoord en leden van andere politieke partijen worden beledigd. Leden van Batasuna dragen t-shirts met daarop teksten die overeenkwamen met het gedachtegoed van ETA. Op 29 juni 2002 moeten de burgemeester en de niet-nationalistische gemeenteraadsleden vanaf het balkon van het gemeentehuis naar binnen vluchten voor de agressie en beledigingen van Batasuna-aanhangers. Op 30 Juli organiseert Batasuna een demonstratie in hetzelfde dorp waarin ze het einde van het fascisme eist en de politieke en mediahetze van de burgemeester aanklaagt.
  19. In de dorpen Cestona, Ibarra, Motrico, Pasajes de San Juan en Zaldibia, allen geregeerd door Batasuna, zijn dependances van de gemeente behangen met posters en beschilderd met leuzen die oproepen tot de strijd tegen de Staat en die Aznar met het fascisme associëren. Het gezicht van Garzon is in een visier getekend 10 en de leiders van de Partido Popular en de PSOE worden met het nazisme vergeleken dat een ander figuur symbolisch in de prullenbak gooit.
  20. Sinds de inwerkingtreding van de wet is Batasuna niet veranderd en heeft de partij op geen enkele wijze afstand genomen van ETA.

Het kader waarin het tribunaal bovengenoemde feiten plaatst
Het tribunaal gaat uitvoerig in op de ontstaansgeschiedenis van Batasuna, dat het als opvolger van Euskal Herritarrok en Herri Batasuna beschouwt. Het tribunaal acht bewezen dat Batasuna ondergeschikt is aan ETA. De wijze waarop het tribunaal tot deze conclusie komt kan om verscheidene redenen de toets der kritiek niet doorstaan. Ware dit anders geweest dan valt ook niet goed te begrijpen waarom een speciale wet in het leven is geroepen om Batasuna te verbieden. Indien immers vaststaat dat Batasuna ondergeschikt is aan, ja zelfs deel uitmaakt van ETA, kan de partij op grond van het commune Spaanse strafrecht verboden worden. Feit is dat Spaanse politici al jaren roepen dat Batasuna onderdeel vormt van ETA zonder daar ooit deugdelijk bewijs voor te leveren.

Het Tribunaal grijpt ten bewijze van haar stelling dat Batasuna onderdeel vormt van ETA terug op gebeurtenissen van voor de zogenaamde transitie 11 in de jaren zeventig. ETA besloot in 1974 dat de strijd voor een onafhankelijk Baskenland niet alleen op militair gebied gevoerd moest worden maar ook op cultureel en politiek terrein en dat daarvoor aparte organisaties in het leven geroepen moesten worden. Dit vormt het voornaamste bewijs van het Tribunaal dat Herri Batasuna in 1978 in opdracht van ETA werd opgericht. Daarnaast stelt het Tribunaal dat Herri Batasuna ondergeschikt is aan KAS, een in 1975 opgerichte organisatie en daarmee aan ETA. Uit de documenten die door het Tribunaal aangehaald worden kan evenwel niet, althans zeker niet eenduidig, worden geconcludeerd dat Batasuna ondergeschikt is aan KAS. Van de stelling van het tribunaal dat KAS als gedelegeerde van ETA optrad wordt helemaal geen bewijs geleverd. Veel van de stellingen worden overigens bewezen verklaard op de grond dat ze niet zijn tegengesproken. Dit is een regel van het civiele bewijsrecht die in de onderhavige procedure - die dan formeel gezien wel geen strafrechtelijke is maar materieel toch duidelijk punitief is - niet zou mogen gelden. Ten slotte acht het Tribunaal bewezen dat Batasuna nog steeds ondergeschikt is aan ETA op basis van een rapport van de Guardia Civil. Dit rapport bewijst hoogstens dat de Guardia Civil van mening is dat Batasuna en ETA dezelfde zijn, niet dat dit ook daadwerkelijk zo is.

Ten slotte merk ik nog op dat zelfs als bewezen zou zijn dat Herri Batasuna op initiatief van of zelfs door ETA is opgericht, dit gebeurde in de overgangsperiode, inmiddels meer dan 25 jaar geleden, in de tijd dat Spanje nog een dictatuur was. De oprichting van Herri Batasuna vond met andere woorden plaats in een grijs verleden, in een heel ander klimaat en onder een andere rechtsorde. Dit kan dan ook geen rol meer spelen bij een verbod anno 2003.

Baskenland Informatie Centrum (BIC)
Postbus 2884
3500 GW Utrecht
www.baskinfo.org

-------------------------------------------------

1De links Abertzale beweging is de linkse onafhankelijkheidsbeweging waar onder andere Batasuna onderdeel van vormt.

2Audiencia Nacional is een speciale rechtbank die zich vrijwel uitsluitend bezig houdt met aanklachten in verband met terrorisme en rebellie.

3Gestoras Pro-Amnistia is in december 2002 bij voorlopige beschikking van Baltasar Garzon verboden verklaard. Het logo van de organisatie is ontworpen door de beeldhouwer Chillida en is in Baskenland zeer bekend als symbool voor de beweging die opkomt voor amnestie in Baskenland.

4De Baskische afdeling van de Spaanse sociaaldemocratische partij PSOE

5Het tribunaal doelt klaarblijkelijk niet op het eerder genoemde logo van Gestoras Pro-Amnistia maar op het logo voor de genoemde campagne, bestaande uit een kaartje van Baskenland met daaromheen twee pijltjes.

6Het onderhavige verbod geldt niet alleen voor Batasuna maar ook voor Herri Batasuna en Euskal Herritarrok, partijen die door het Tribunaal als voorgangers van Batasuna worden aangemerkt. In het vonnis worden Herri Batasuna, Euskal Herritarrok en Batasuna als een geheel beschouwd.

7Waarin de onderzoeksrechter de activiteiten van Batasuna bij wege van voorlopige maatregel verbood.

8In september 1998 ondertekende een meerderheid van de Baskische politieke partijen een verklaring waarin ze aangaven dat het conflict vreedzaam maar met respect voor het zelfbeschikkingsrecht van Baskenland door middel van dialoog opgelost diende te worden. ETA riep hierop een wapenstilstand uit die 14 maanden stand hield.

9Baskische Nationalistische Partij. Grootste en oudste politieke parij van Baskenland. Nationalistisch en Christen-democratisch, vergelijkbaar met de linkervleugel van het CDA.

10Een veel voorkomende graffiti in Baskenland, geen poster van Batasuna!

11De periode waarin Spanje stapje voor stapje veranderde van een fascistische dictatuur in een parlementaire democratie.

Ga terug naar index